Methode, definities en beperkingen
Deze pagina bundelt de werkhypothesen, definities en bekende beperkingen die eerder verspreid over het kaartpaneel stonden. Niets hierop is nieuw beleid — het is een overzicht van besluiten die al golden, nu op één plek in plaats van in losse hints. Voor de volledige, chronologische onderzoeksnotities (elke wijziging met datum en aanleiding) zie docs/geschiedenis.md op GitHub.
Vijf soorten data op deze site
Elke laag heeft een andere mate van zekerheid — bewust niet door elkaar gehaald.
1. Hoofddataset (449 begraafplaatsen)
De geverifieerde kernset: de genormaliseerde CSV van de domeinexpert, terrein + ingang per begraafplaats, status (geruimd/niet-geruimd). Dit is de enige laag waarop de statistiekenpagina rekent (met uitzondering van de datering-sectie, zie categorie 5).
2. Verrijkte relaties (rijksmonumenten, beschermde gezichten, archeologie)
De hoofddataset ruimtelijk vergeleken met RCE Linked Data (beschermde gezichten, rijksmonumenten, archeologische rijksmonumenten) en de CHS-laag van Provincie Zuid-Holland. Feitelijke overlap/afstand, automatisch berekend — geen menselijke beoordeling per geval.
3. Kandidaat-begraafplaatsen (experimenteel)
Op de losse kandidatenpagina: tekst- en categoriezoekacties (kerken, kloosters, synagoges, kapellen, archeologische omschrijvingen) die een mogelijke onbekende begraafplaats suggereren. Nadrukkelijk geen claim — elke kandidaat moet door de domeinexpert beoordeeld worden voordat hij ooit in de hoofddataset terechtkomt.
4. Verdwenen begraafplaatsen (laag "Verdwenen begraafplaatsen")
Eigen, geverifieerde historische kennis van de domeinexpert (907 landelijke punten, 92 in Zuid-Holland) van begraafplaatsen die niet meer bestaan — geen automatisch signaal zoals categorie 3, en geen indicatie: elk punt is een gegeven op zichzelf. Ook wanneer een punt vlak bij een bestaand restant ligt, zegt dat niets over dat punt zelf — er wordt dan ook niet vergeleken met de hoofddataset. Grootte of omvang van de oorspronkelijke begraafplaats is niet meer vast te stellen, vandaar alleen een punt, geen terreinpolygoon.
5. Datering (jaartal/periode in het begraafplaats-popup en -filter)
Jaartal/periode per begraafplaats uit een aparte, opgeschoonde CSV van de domeinexpert (448 rijen, geen aparte kaartlaag meer). Elke rij wordt via het bezoekadres (PDOK Locatieserver) gegeocodeerd en vervolgens gekoppeld aan het dichtstbijzijnde terrein van de hoofddataset, op de ingang-coördinaat, met een drempel van 300m — verificatie tijdens het bouwen liet zien dat 90% van de gegeocodeerde adressen binnen 150m van de bijbehorende ingang valt, en 96% binnen 300m. Geen match binnen de drempel betekent geen jaartal/periode getoond (eerder niet gevonden dan een foute koppeling), geen garantie tegen een verkeerde buur in dicht bebouwde binnensteden met meerdere begraafplaatsen vlak bij elkaar. Zichtbaar als "Jaartal"/"Periode" in het begraafplaats-popup, als klikbare periode-balkjes onder "Filters" (samen met een levende teller, meerdere balken tegelijk aanklikken verbreedt de selectie), en als histogram op de statistiekenpagina. Filteren op datering (en op elke andere filter) verbergt zowel het terreinvlak als het bijbehorende ingangspunt, zodat het effect van filteren duidelijk te zien is — niet alleen op de vlakken, die op kleinere schermen of bij ingezoomd kaartbeeld minder opvallen dan de losse punten. De knip bij 1829 in de periode-balkjes is geen ronde eeuwgrens: vanaf 1 januari 1829 was begraven in en rond de kerk binnen de bebouwde kom in Nederland wettelijk verboden (Koninklijk Besluit), een van de duidelijkste keerpunten in de Nederlandse begraafgeschiedenis.
Ruimtelijke termen
Labels die de relatie tussen een begraafplaatsterrein en een rijksmonument beschrijven (popup en filters).
| annex (grenst aan) | grenscontact (touches) — door de domeinexpert bevestigd als de juiste lezing van "annex", niet zomaar "in de buurt" |
|---|---|
| op het terrein | het monument ligt binnen de begraafplaatspolygoon |
| overlapt | polygonen snijden elkaar gedeeltelijk |
| omvat het monument | de begraafplaats omsluit het hele monument |
| monument omvat het terrein | het monument omsluit de hele begraafplaats |
| punt binnen terrein | een monument zonder polygoon (alleen een punt) valt binnen de begraafplaatspolygoon |
"Binnen", "overlapt" en "nabij" in filternamen zijn dezelfde categorieën in gewone taal — geen aparte definitie.
Drempelwaarde "rijksmonument nabij"
De schuifregelaar bij het filter "Rijksmonument op/nabij terrein" biedt drie vaste stappen: 25, 50 en 100 meter. Dit zijn werkhypothesen, geen vastgestelde norm — verderaf dan 100m is in de praktijk niet interessant genoeg gebleken om als "nabij" te tellen. De onderliggende data bewaart relaties tot 250m, dus een ruimere drempel is technisch mogelijk als daar aanleiding voor komt.
De afstand wordt gemeten tussen de volledige terreinpolygoon en het monument — niet vanaf de ingang of een ander puntlocatie. Bij een langgerekte begraafplaats (langer dan de drempel zelf) telt dus het dichtstbijzijnde stuk terrein, niet de afstand vanaf één vast punt.
Plaats vs. gemeente
"Plaats" (dorp/stad) komt rechtstreeks uit de bron van de domeinexpert. "Gemeente" is er apart bij gezocht via de echte PDOK-gemeentegrenzen: de bron heeft geen gemeenteveld, en na herindelingen hoort een plaats niet altijd bij de gemeente die zijn naam doet vermoeden (Oudenhoorn → Voorne aan Zee, bijvoorbeeld).
Rijksmonumenten: gebouwd vs. archeologisch
Rijksmonumenten kennen een ceo:monumentAard: "onroerend gebouwd" (14.105 in de bbox, getoond als punt) of "archeologisch" (99, getoond als vlak waar de bron een polygoon heeft). Beide zijn los aan/uit te zetten onder "Rijksmonumenten" in het paneel.
De functiefilter ("oorspronkelijke functie") is dynamisch opgebouwd uit de daadwerkelijk voorkomende RCE-labels — geen vaste, gecureerde lijst. Dat betekent ook geen thesaurusgroepering: wat de bron als label gebruikt, zie je terug.
Bekende beperkingen
• De kandidaat-begraafplaatsen-pagina gebruikt woordherkenning (grooftermen, hedge-taal) op vrije tekst — geen garantie tegen fout-positieven (bijvoorbeeld "Kerkhof" als achternaam van een onderzoeker) of gemiste gevallen.
• De "in hoofddataset"-inschatting bij verdwenen begraafplaatsen is een ruwe naam- en plaatsvergelijking, geen exacte koppeling — bewust conservatief (eerder "niet gevonden" dan een foute match).
• Alle drempelwaarden (25/50/100m) en categorieën zijn voorlopige werkhypothesen, geen definitief vastgestelde norm.